Hoe vaak dit in de jaren dat ik werkte als secretaresse wel niet door mijn hoofd is gegaan: ‘Ik ben niet goed genoeg’. Steeds maar het gevoel hebben dat ik een tekort van mezelf moest compenseren door meer te doen. Harder te werken, want ik dacht dat ik minder werk deed dan andere secretaresses. Die waren veel slimmer, want mezelf vergelijken met anderen deed ik ook voortdurend en daar kwam ik dan vaak slechter uit. De ander was altijd beter, sneller en slimmer dan ik.

Nu ik al heel wat jaren hier van af ben en inmiddels coach en trainer ben, hoor ik het de secretaresses die bij komen ook zeggen. Ze hebben het gevoel dat ze niet goed genoeg zijn en compenseren dit door altijd voor anderen klaar te staan en zichzelf op de laatste plaats te zetten. Met alle gevolgen van dien, want ze cijferen zichzelf volledig weg. Ze moeten regelmatig overwerken, omdat ze aan hun eigen werk niet meer zijn toegekomen. Daardoor zijn ze uitgeput en hebben geen energie meer over voor hun gezin of andere leuke dingen te doen.

Wat we denken is dat door veel te doen voor anderen, we ons beter gaan voelen over onszelf. Maar niets is minder waar. Sterker nog, we gaan ons er juist slechter door voelen. We houden hierdoor namelijk het beeld dat we van onszelf hebben, het niet goed genoeg zijn, in stand.

Wil je weten hoe het mij is gelukt om hiervan af te komen? Lees dan verder.

Stel je kwetsbaar op

Ik ben erachter gekomen dat ieder mens, maar dan ook echt ieder mens op deze planeet weleens het gevoel heeft dat hij niet goed genoeg is. Alleen denkt de ene persoon dit vaker dan de ander en kan de ene persoon dit makkelijker van zich af zetten dan de ander. Maar weet dat we hier allemaal wel eens last van hebben. Ik behoorde bij de mensen die (onbewust) zeer regelmatig denken dat ze niet goed genoeg zijn. Ik zag in anderen altijd waar ze beter in waren en zette die dan op een voetstuk. Daarom liep ik constant op mijn tenen en was alleen maar bezig met hoe ik nog beter kon worden in mijn werk en hoe ik nog harder kon werken. Maar het was nooit genoeg…

Totdat ik me kwetsbaar ging opstellen en hoe ik over mezelf dacht ging delen met anderen. Wat ik terug kreeg is dat anderen zich ook kwetsbaar naar mij gingen opstellen. De personen waar ik tegenop had gekeken, bleken ook ‘gewone’ mensen te zijn met hun eigen onzekerheden. Het inzicht dat ik niet ‘anders’ was, heeft mij zo geholpen.

Slim/dom

Hoe graag we ook goed in alles willen zijn en er toe willen doen, we zijn nu eenmaal niet perfect en zullen dit nooit zijn. Jarenlang heb ik gedacht dat ik dom was, totdat iemand mij vertelde dat ieder mens in bepaalde opzichten dom en slim is. Als het bijvoorbeeld gaat om metafysica ben ik inderdaad dom, want hierin heb ik me nooit verdiept. Ik weet hier dus niets van af. Maar als het gaat om het vak van secretaresse of het vak van trainer/coach, dan ben ik slim. Ik heb hier opleidingen voor gevolgd en me hierin vaardig gemaakt. Daardoor ben ik dus gaan inzien dat ik zowel dom als slim ben. Vanaf het moment dat ik dit besefte, heb ik mezelf (en anderen) nooit meer als dom bestempeld.

We kunnen ervoor kiezen wat we voor waarheid aannemen

Tot ons zevende levensjaar staan we nog helemaal open. Dat wil zeggen dat alles wat we horen en wat mensen tegen en over ons zeggen, we als waarheid zien. We geloven dan alles wat we zien en horen. Als volwassene denken we sommige van deze dingen nog steeds. Dit betekent dat een aantal dingen die wij nu als volwassene tegen onszelf zeggen, niet eens onze eigen woorden zijn maar die van anderen (uit ons verleden). We zijn hier ons echter vaak niet van bewust.

Ook na ons zevende en zelfs tot op de dag van vandaag laten we nog dat wat anderen zeggen binnenkomen. Het verschil is alleen dat we als volwassene een keuze hebben in wat we voor waarheid aannemen en wat niet. Natuurlijk zijn we ook maar mensen met gevoelens. Alleen kunnen we door onszelf goede vragen te stellen erachter komen wat echt waar is. Dus stel jezelf vragen als ‘Is dit waar?’, ‘Kan ik 100% zeker weten dat dit waar is?’, ‘Wat is het effect op mij als ik dit denk? en vervolgens ‘Wie zou ik zijn zonder dit te denken of te geloven?’.
We kunnen hierdoor onderscheid maken tussen onze eigen waarheid en deze van anderen.

Door bij negatieve gedachten over mezelf deze bovenstaande vragen te stellen, kreeg ik meer duidelijkheid in over wie ik echt ben. Alleen door het stellen van vragen, kom je achter de waarheid over jezelf.

Alles wat je aandacht geeft groeit

Waar richt je je op? Richt je je op het goede van jezelf en je kwaliteiten of op wat er niet goed aan jezelf is en waar je niet goed in bent. Alles wat je aandacht geeft groeit. Dus ik ben mezelf complimenten gaan geven, in plaats van boos te zijn als ik iets niet goed had gedaan. Ik zeg tegen mezelf dat ik het in ieder geval heb geprobeerd of dat ik ‘stralend’ heb gefaald. Ik ben gestopt met mezelf naar beneden te halen en mezelf te vergelijken met anderen. Ieder mens is uniek, dus heeft het totaal geen zin om je met anderen te vergelijken. Het is beter om te kijken naar hoe jij de beste versie van jezelf kunt zijn. Ik kijk nu steeds hoe ik er in eerste instantie voor mezelf kan zijn en hoe ik mezelf af en toe kan ‘pleasen’. Ik zet eerst mijn eigen zuurstofmasker op net zoals in het vliegtuig, zodat ik er vervolgens net zoveel voor anderen kan zijn. Want als mens ben je altijd van waarde en dus ook jij kunt het verschil maken. Al is het alleen maar door een goed voorbeeld voor anderen te zijn:-)

Laat een reactie achter