‘Je bent een tien in je werk, maar een zesje in het assertief zijn…’

Ik ben ik niet zo’n assertief type. Ik weet nog goed dat ik ooit voor een directeur werkte die tegen mij zei: ‘Colinda, je bent een 10 in je werk, maar een zesje als het gaat om assertief zijn’. Die opmerking raakte me diep. Ik hoorde niet meer het positieve wat hij zei en dus dat ik een 10 was in mijn werk. Het enige wat bleef hangen was dat lage cijfer voor het assertief zijn.

We zijn vaak kritisch naar onszelf toe. Schenken meer aandacht aan dat wat er niet goed gaat dan wat er wel goed gaat. We zijn meer bezig met dat wat we niet goed aan onszelf vinden. En als iemand een ‘oordeel’ of mening over ons heeft zien we dit als ‘de waarheid’. Terwijl het enkel en alleen een mening is van iemand en dit niets zegt over jou maar alles over hoe de ander jou ziet en naar jou kijkt.

Het feit dat deze opmerking mij zo raakte was echter omdat ik zelf eigenlijk ook wel wist dat ik meer voor mijn eigen belangen moest leren opkomen. Want ik stond altijd voor anderen klaar en vond het lastig om hierbij mijn grenzen te bewaken. Achteraf bleek ook dat deze directeur het alleen maar goed bedoelde en zich zorgen om mij maakte. Hij was namelijk bang dat ik overspannen zou raken…

‘Het was tijd om hulp te vragen…’

Het werd dus tijd om hier iets mee te doen en hulp te vragen en dus koos ik voor een goede coach. Wat ik toen leerde is dat het niet zo zwart/wit is als ik dacht. Ik dacht namelijk dat je óf goed voor anderen kon zorgen, óf goed voor jezelf kon zorgen. Het bleek dat dit naast elkaar kon. Dat je er voor anderen kunt zijn, zonder jezelf hierin te verliezen. Een ander inzicht was dat het voor mij vaak voelde als: Jij bent oké – Ik ben niet oké. Waardoor ik geneigd was om mezelf kleiner te maken en ‘onder’ de ander te plaatsen.  

Als je dit herkent dan hecht je waarschijnlijk net als dat ik dit destijds ook deed weinig waarde aan je eigenbelang, maar veel aan het belang van de ander. Dit wordt ook wel sub-assertief gedrag genoemd. Je laat dan (onbewust) je gedrag afhangen van wat de ander van je vindt of van wat je denkt dat de ander van je vindt. Je maakt de ander belangrijker en daardoor groter en jezelf kleiner.

‘Assertiviteit gaat over gelijkwaardigheid’

Ik leerde dat assertiviteit gaat over de relatie tussen mij en de ander. Je kunt namelijk niet in je eentje lekker assertief zitten te wezen. Assertief zijn betekent dat je de ander niet groter maakt en jezelf niet kleiner, maar uitgaat van gelijkwaardigheid. Ik ben oké – Jij bent oké.

Dan respecteer je de grenzen van de ander én geef je je eigen grenzen aan. Omdat je het belang van jezelf net zo belangrijk vindt als het belang van de ander. Daar draait het om als het gaat om assertief zijn.

Maar het kan ook zijn dat je niet neigt naar sub-assertief gedrag, maar neigt naar ‘agressief’ gedrag en ik zal je uitleggen wat dit inhoudt. Bij ‘agressief’ gedrag plaats je jezelf boven de ander (ik ben oké – jij bent niet oké) alleen kan dit ook in een lieve goed bedoelde vorm zoals door oververantwoordelijk of overzorgzaam te zijn. Dan is er namelijk geen sprake meer van een gelijkwaardige relatie van geven en ontvangen.

Als het mij is gelukt, lukt het jou ook om assertiever te worden. Wil je weten hoe? Ik geef je 3 tips.

Tip 1: Reflecteren

Het is belangrijk om eerst eens te kijken naar hoe assertief je nu bent. Neem daarom eens een situatie op het werk in gedachte waarbij je assertiever had willen zijn. Ga op een stoel zitten met je ogen dicht en denk terug aan deze situatie. Je bent even helemaal terug in de tijd alsof je dit nu weer beleeft. Wat gebeurt er precies? Stel vervolgens de volgende vragen: Wat denk je? Wat voel je? Wat doe je? Neem rustig de tijd om bij deze vragen uitgebreid stil te staan. 

Ga nu letterlijk op een andere stoel zitten en doe je ogen weer dicht en verplaats je nu in exact diezelfde situatie maar dan als de ander. Wat denk je? Wat voel je? Wat doe je?

Vervolgens ga je op een derde stoel zitten. Dit is de stoel van de observator/toeschouwer. Je kijkt als het ware op een afstand naar deze twee personen. Je ziet wat deze situatie met hen doet. (let op! Je bent onafhankelijk en hebt dus geen oordeel.) Wat zie je? Wat neem je waar? Wat zie je bij de ene persoon en wat zie je bij de andere persoon. Wat voor tip/advies heb je voor hen.

Tenslotte stel je jezelf de vraag: ‘Wat wil ik?’ en ga je met dit antwoord weer op de drie verschillende stoelen naar deze situatie kijken en stel je weer dezelfde vragen: Wat denk je? Wat voel je? Wat doe je? Eerst als ‘ik’ en dan als ‘de ander’. Vervolgens ga je op de stoel van de toeschouwer zitten en kijk je naar wat je waarneemt en wat voor tip of advies je voor hen hebt.

Door te kijken naar een situatie waarin je assertiever had willen zijn vanuit drie verschillende invalshoeken, krijg je goede inzichten in hoe je in een volgende situatie assertiever kunt handelen. Dit is al een eerste stap naar het assertiever kunnen zijn.

Tip 2: Ben gelijk duidelijk

Geef zo snel mogelijk aan wat je (anders) wilt en wacht hier niet mee. Hoe langer je wacht hoe moeilijker het wordt. Je gaat hier anders namelijk steeds meer tegen opzien. Door dit aan het begin zo snel mogelijk gelijk aan te geven spelen er ook nog minder emoties een rol, waardoor dit echt makkelijker voor je zal zijn.

Zeg altijd wat je wel wilt in plaats van wat je niet (meer) wilt. Zodat het voor de ander helder is wat je verwachtingen naar hem/haar toe zijn.

Door gelijk of in ieder geval zo snel mogelijk duidelijk te zijn in wat je wilt geef je de ander de mogelijkheid hier rekening mee te kunnen houden. Dan kun je met elkaar in gesprek over de wederzijdse verwachtingen.

Even een voorbeeld. Stel dat je manager ’s ochtends later begint en daardoor vaak ook na 17.00 uur je nog mailt en app-jes stuurt waarop je diezelfde dag nog moet reageren. Geef dan aan dat jouw werktijden van 8.30 tot 17.00 uur zijn en dat je het fijn zou vinden als hij/zij hier rekening mee houdt. Ga vervolgens met elkaar in gesprek over hoe je hier samen aan uit kunt komen. Want jouw belangen en deze van je manager zijn net zo belangrijk.

Door dit gelijk aan te geven voorkom je ergernissen en ben je gelijk duidelijk. Daardoor houd je ook de regie en kun je vervolgens een open gesprek voeren om te komen tot een oplossing die voor beiden goed voelt.

Tip 3: Zie het als een groeiproces

Sta regelmatig even stil bij hoe assertief je bent. Geef jezelf een cijfer (tussen 0 en 10) als het gaat om assertief gedrag. Stel dat je jezelf een 6 geeft. Wat maakt dan dat je tot een 6 bent gekomen en niet bijvoorbeeld een 4. Dus kijk naar wat je al goed doet als het gaat om assertief gedrag en dus wat je allemaal al hebt gedaan om tot dit cijfer te komen. Vervolgens ga je kijken naar wat je kunt doen om van deze 6 een 7 te maken. Wat heb je hiervoor nodig om dit te kunnen en wie kan je hiermee helpen. Durf daarom ook hulp te vragen. Het beste kun je dit vragen aan iemand waar je je veilig bij voelt.

Ga vooral veel met de genoemde tips oefenen. Het is door het veel te doen dat je hier vaardig in gaat worden. Als je wilt leren auto rijden kan dit ook niet door alleen theorie lessen te volgen. Om dit echt te leren zal je ook een behoorlijk aantal praktijk rijlessen moeten volgen en dus veel moeten oefenen met het rijden op de weg. Zo is dit met alles wat je écht wilt kunnen/leren. Je leert dus vooral door te doen en dan te zien wat er gebeurt en daar weer van te leren. Dit geldt dus ook voor als je assertiever wilt worden.

Kun je hier wel wat hulp bij gebruiken? Bel me dan op 06 – 51 747 233 of stuur een mail naar contact@happyassistant.nl en we plannen een gratis telefonische afspraak in van 30 minuten. Dan gaan we kijken naar jouw situatie en krijg je meer tips over hoe je assertiever kunt worden.

Laat een reactie achter